vrijdag 26 april 2019

De nieuwe postbox en de vooruitgang.


Deze blog gaat over hoop, voorspoed en vooruitgang.

We hebben net 25 jaar genocide herdenking achter de rug in Rwanda. Vorige jaren waren zwaar. Wij deden zelf ook zwaar. We lazen nare boeken over de genocide, keken naar akelige films en gingen naar debatavonden waar je verpletterd vandaan kwam. Dit jaar was het hoopvol. Het ging over de toekomst en niet zozeer over genocide ontkenners of de buitenlandse bedreigingen van Rwanda. De toon was lichter. 
We zijn naar de nationale herdenking in het stadion geweest. Samen met allemaal jongeren en schoolkinderen. In zo’n stadion besef je pas wat het betekend dat 70 % van de bevolking van Rwanda jonger dan 30 is. Wij waren de oudsten op de tribune. 

Paul Kagame was er met zijn vrouw en Charles Michel van Belgie. Ze ontstaken fakkels. Jean Claude Junker was er ook, hij maakte een onhandige beweging waarbij hij Jeanette Kagame bijna raakte. Dit You tube filmpje ging dagen lang vrolijk rond. 
Daarna kreeg iedereen een kaarsje en gingen de stadionlichten uit. Er ging een zucht van verrukking door het station, net Kerstmis, zo mooi!

De Agaseke

Er is een Agaseke verschenen op de nieuwbouw tegenover ons. Een traditioneel mandje maar dan uitgevoerd in metaal. ‘s Nachts brandt er een heel lief rood lichtje er boven op, helemaal op de top. De nieuwbouw wordt het nieuwe districtskantoor. Kigali is verdeeld in drie districten. Dus niet het gemeentehuis, maar het deelraadskantoor. 
Het wordt een mooi gebouw en dat mandje bovenop is helemaal goed. Ik kan het zien van achter mijn bureau. Het is prachtig om naar te kijken.

De nieuwe postbus

Wij deelden een postbus met ICCO. We hebben allebei een sleuteltje. Maar soms kwam de chauffeur van ICCO en die haalde niet alleen zijn post eruit, maar ook de onze. En dan moeten wij weer onder werktijd naar het ICCO kantoor om de post te vinden. Frustrerend. 
Plotseling waren we een keer bij het postkantoor toen ook de loketten open waren en we tijd hadden. “We nemen zelf een postbus!” Ja, over zo’n gedachte kan je vier jaar doen. 
Wij naar het loket waar een allerliefst meisje ons een formulier in liet vullen en in haar lijst ging kijken welke postbus nog leeg was. We moesten betalen en toen bleek de postbus zo klein dat er geen Groene Amsterdammer in zou passen. Terug naar het loket. We willen een grotere. De volgende vrije postbus bleek stuk. Nog een andere. Uiteindelijk kregen we een postbus met een mooi nummer: 5153

We zijn een slotje gaan kopen in de stad en de maandag erop is Jan Willem teruggaan. Ze hebben het oude slotje eraf geknipt en Jan Willem heeft ons eigen slotje erop gehangen. Vooruitgang!

Wie ons wat wil sturen: P.O. Box 5153, Kigali, Rwanda

Een nieuw huis voor Janvier 

Janvier, onze kok en huishoudhulp had onze hulp gevraagd. Hij had geen doel in zijn leven. Zijn leven ging nergens heen.  
Janvier werkt nu bijna drie jaar bij ons en wij zijn wel aan elkaar vernocht geraakt. Hij stond bij ons in de keuken toen hij opgebeld werd dat zijn vader overleden was en we zijn naar de begrafenis geweest. Dat soort life-changing gebeurtenissen schept een speciale band. 
Wat te doen met geen doel in je leven?
Janvier bleek wel een doel te hebben: een eigen huis bezitten. Maar dat leek hem onbereikbaar. Hij heeft twee baantjes: bij ons en in het weekend werkt hij in een bed and breakfast. Hij heeft relatief veel geld, maar hij geeft het ook weer uit, en anders komen zijn broers en zussen er wel om.
Jan Willem heeft een aantal coachende gesprekken met hem gevoerd over ondernemening die Janvier op zou kunnen zetten, studies die hij zou kunnen doen of dat hij echt kok zou kunnen worden om zo geld te verdienen voor een huis. Dat vond Janvier allemaal erg omslachtig en hij werd er niet warm van. 
Janvier gaat een huis kopen
Uiteindelijk was de oplossing: wij lenen hem (renteloos) geld en hij moet sappelen om ons in zes jaar terug te betalen. Als hij bij de bank zou lenen moet hij 18% rente betalen. Dat gaat inderdaad nergens heen.

Enige rekensommen leerden dat het een huis moest zijn met onderverhuurkamertjes, anders zou hij ons nooit en te nimmer kunnen terugbetalen.
Sappelen, dat kent hij. Hij heeft verhalen van hoe weinig ze te eten hadden toen hij kind was. Zes jaar sappelen leek hem geweldig. Een doel in zijn leven!
Na enige zoektochten hebben we een huisje met drie kamertjes gevonden. Hij gaat zelf in het mini-mini kamertje wonen, zijn bed past er niet eens in. Hij moet op een matras op de grond. Sappelen!!! 
De afgelopen week heeft Janvier bij zijn onderhuurders de huur opgehaald en zijn eerste terugbetaling gedaan. Ik heb zelden iemand zo trots gezien. Een doel in zijn leven.

Overigens zijn wij niet alleen in ons vooruitgangsgevoel. Wij zijn lid van de ICT chamber. Die stuurden een filmpje rond, over hoe Rwanda op Singapore gaat lijken. Dit filmpje is in het Engels en duurt 13 minuten.

Nu zijn jullie weer helemaal bij.

groet, Gerry





zondag 17 maart 2019

Gorilla's, gelovigen, mode en erosie


Hallo allemaal,

Het is zaterdagavond. Gerry en ik hebben net gekanood. Nu zitten we op een steiger aan Lake Muhazi met een koud biertje in het maanlicht. Het kan slechter. 

kanoen op Lake Muhazi

De laatste keer dat we er met de kanos op uit waren was met Oud en Nieuw. Toen zijn we een hele week op tournee geweest met de kanos. Er zijn hier zoveel meren waar je prachtig kan varen en vogels kijken. Oud en Nieuw hebben we gevierd in Musanze met Emily (Amerikaanse) en Bosco (Rwandees) en hun zoontje van 3.  Bosco werkt als tourist-guide in het Vulcanoes National Park en laat dus elke dag toeristen de beroemde Gorilla’s zien. Emily werkt bij ‘Red een Kind’, een Nederlandse NGO. Voor Bosco is het rond Kerst en Oude en Nieuw hoog-seizoen en hij was veel aan het werk. Veel tijd dus om verhalen van Emily aan te horen over haar toch wel enigszins gecompliceerde inter-culturele leven tussen haar Nederlandse Christelijk Gereformeerde bazen en Rwandese man met schoonfamilie.  Dan ben ik blij weer heel blij dat Gerry en ik eigen baas zijn en hetzelfde gevoel voor humor hebben!

Toen we met oud en nieuw in Musanze waren, wilden ook wel een keer het Nationale Park in. Niet Gorilla’s kijken, want dat is belachelijk duur in Rwanda: 1.500 USD voor een uurtje tussen de Gorilla’s zitten! Ook niet de vulkaan Besoke op, want dat is één grote glibberige modder-klim. Maar je kan ook naar het graf van Diana Fossey lopen.
Gerry op ecologische pelgrimtocht
Een aanrader. Diana Fossey heeft 18 jaar gewoond op een door haar opgezet wetenschappelijk onderzoeksstation tussen de vulkanen Besoke en Karisimbi.  Daar bestudeerde ze de uitstervende Bergland Gorilla’s en wist zoveel pubiliciteit te genereren, dat ze ongeveer in haar eentje de Bergland Gorillla voor uitsterven heeft behoed.  Op tweede kerstdag 1985 is ze in haar huis vermoord, waarschijnlijk door stropers.  Ze is begraven bij het onderzoeksstation op de gorilla-begraafplaats die zijzelf daar had aangelegd.  Na de genocide in 1995 is het destijds tijdelijk gesloten onderzoeksstation gesloopt door de locale bevolking, omdat ze bouwmaterialen nodig hadden. Sindsdien is zijn de ruines van het voormalig onderzoeksstation en de Gorilla
Wat rest van het voormalige onderzoekscentrum
begraafplaats met het graf van Diana Fossey een bestemming voor ecologische pelgrims, zoals wij.

De goden waren ons gunstig gezind, want op de terugweg lag er opeens op drie meter afstand van ons pad een enorme Silverback op zijn rug te slapen in het gras.  Toen ik voorbij liep draaide hij traag zijn hoofd om en opende één oog, waarmee hij me aankeek met zoveel desinteresse, dat ik ter plekke een minderwaardigheidscomplex kreeg.  Bij mij bonsde het hart in de keel en hij vond ons total oninteressant.  Na drie seconden deed hij zijn ene oog weer dicht, draaide zijn hoofd af en sliep verder.  Omdat wij niet betaald hadden om Gorilla’s te zien, maande onze gids ons om niet te blijven kijken, maar door te lopen. Heel flauw, maar dat zijn hun instructies en in tegenstelling tot veel andere Afrikaanse volkeren, zijn de Rwandezen heel erg van de regeltjes. Soms ben je daar blij mee en soms ook niet…


Waterval contra zondeval?
Over pelgrimsoorden gesproken: na op diverse meren te hebben gekanood, reden we terug naar Kigali op een zondag toen we langs een waterval kwamen. We stapten uit om even te kijken. Bij de aterval was een tentje opgezet en allerlei mensen waadden in hun kleren naar de waterval om door het vallende water van hun zonden te worden ‘gewassen’.  Sommigen hielden het luid biddend angstwekkend lang uit onder het kletterende water, wat bij ons weer allerlei fantasieen opriep over de ernst van hun zonden.

In Februari heeft Nora bij ons gelogeerd. Nora is een Nederlandse studente die ‘fashion-studies’ doet aan de Universiteit van Upssala en in Rwanda onderzoek kwam doen naar ‘Afriek’,  een Nederlands-Rwandees mode-bedrijf.  Nora bleek net zo’n vlotte keurige slimme Nederlandse te zijn als mijn dochters. Als gevolg van dat zero cultuurverschil voegde ze zich naadloos in ons huishouden.  Tegelijk confronteerde ze mij met mijn totale gebrek aan aandacht voor mode. Ik beschouwde mode eigenlijk als iets voor vrouwen en ijdeltuiten, maar mode is best wel leuk. Met Nora hadden we gesprekken over zaken als: wat voor soort kleren koop ik? Waarom heb ik vanmorgen aan gedaan wat ik nu aan heb? Wat wil ik daarmee zeggen? Komt dat ook zo over? Hoe werkt mode inter-cultureel? Loop je in Rwanda in andere kleren dan in Nederland? 

In de bamboo kathedraal
Met Nora gingen we ook wandelen langs de grootste rivier van Rwanda, de Nyaburongo.  De Nyaburongo ontspringt in het zuid-westen van Rwanda in Ngungwe Forest, stroomt helemaal naar het Noorden bij Musanze, om daarna weer terug te buigen naar het zuiden naar Kigali, waarna hij onder Kigali door naar het Oosten draait om als grensrivier met Tanzania uiteindelijk via het Akagera National Park het land te verlaten richting Victoria meer.  Rwanda kent alleen maar regen-rivieren. Bij sterke regenval kan de afvoer van een rivier enorm toenemen. Om de oevers te beschermen planten ze daar bamboe. Bamboe heeft diepe en wijd vertakte wortels en is soms wel 5 à 6 meter hoog, waardoor het lijkt of je in een grote kathedraal wandelt.

Erosie in de buitenwijken van Kigali bedreigt huizen
Nu is het Maart. Gerry werkt met Nehemie aan een e-cursus over water-management, terwijl ik een conferentie over dat onderwerp help organiseren. Allemaal voor een door de Nederlandse Ambassade gefinancierd ontwikkelingsproject genaamd ‘Water for Growth’. Erg leuk om je te verdiepen in hoe dat nou moet met zware regenval, droogtes en erosie. Een delta-plan erosie-bestrijding is eigenlijk nodig, maar daarvoor ontbreekt het geld. 
Heel in het klein maakten wij dat zelf mee met onze buurvrouw.  Erosie in haar tuin dreigde de steunmuren van onze tuin te ondermijnen. Daar zou zij iets aan moeten doen.  Dat wilde ze wel, maar ze had er geen geld voor, zei ze.  Om ons eigen bezit te beschermen, hebben we toen maar aangeboden om haar muur te financieren, de helft een gift en de andere helft een lening. Zij blij, wij gerust gesteld. Ontwikkelingshulp als welbegrepen eigenbelang. Niks mee mis.

Tot de volgende keer!
Jan Willem Eggink

P.S. Vind je het leuk om meer te lezen over ons werk? Abonneer je dan op de driemaandelijkse blog/newsletter van Three Mountains via onze website. Daar vind je ook alle vorige blogs.

zaterdag 22 december 2018

electronisch eitje

Jan Willem zit een kerstkaart in elkaar te prutsen. We hebben foto’s gemaakt van Kigali bij nacht. Ze doen hier nogal aan kerstverlichting. Veel gekleurde lampjes in hekken en struiken, omwikkelde en knipperende palmbomen. Ook de trouwfontein, waar je moet betalen om in je bruidsjurk gefotografeerd te kunnen worden, heeft kerstverlichting. Met het convention-centre op de achtergrond in de kleuren van de Rwandese vlag is het een tropische kerst. Nu, negen uur s ‘avonds is het 26 graden.

Ik schrijf deze tekst en Jan Willem is bezig om van de foto een filmpje te maken.  Er komt vuurwerk en een komeet boven de trouwfontein en het convention-centre. Dat kan tegenwoordig met Photos, het programma wat bij Word hoort. Met enige nostalgie denk ik aan de tijden dat ik kerstkaarten maakte met gekleurd papier en lijm die zo lekker aan je vingers bleef plakken.
Het nadeel van een elektronische kerstkaart is de leer-curve van het programma. Tegen de tijd dat je door hebt hoe het precies moet ben je twee avonden verder. Dan doe je het in een handomdraai. En volgend jaar, als je het weer wil doen, ben je vergeten hoe het ook al weer moet. Maar Jan Willem heeft nog niet gevloekt en er zijn nog geen wilde geluiden opgestegen van achter zijn computer, dus misschien is het een elektronisch eitje.

Wij hebben het werk jaar afgesloten op een terras met biertjes en grote borden patat met ons personeel. Het was ontroerend. Janvier is 30 en op zoek naar de zin van de rest van zijn leven. Nehemie is net 25 geworden en hij vond dat hij nu serieuzer moest gaan leven. Gretta zei dat ze een rot jaar had gehad (ons is niet helemaal duidelijk waarom maar ze is af en toe behoorlijk humeurig) maar dat ze in ieder geval een baan gevonden had (bij ons). Vragen aan Gretta wat er aan de hand is heeft niet zoveel zin. Antwoord komt er niet. Wat dat betreft is ze erg traditioneel Rwandees. Daar is het motto: Laat nooit het achterste van je tong zien en zeg nooit wat je denkt. Dat kan altijd tegen je gebruikt worden.
Maar daar ging het niet over. Ik wil opschrijven dat het mooi is om die jonge mensen zo te zien worstelen met de toekomst en hun leven. Jan Willem keek het allemaal zo aan en wenste ze toen veel romantiek toe in het komende jaar.  "Jullie hebben allemaal liefde nodig!" Alle drie proesten ze het uit! Ook daar krijgen we niets over te horen. Romantiek, dat bespreek je niet met de baas. Toch was het gezellig.

“Ik begrijp er niets van,” komt er nu achter Jan Willems computer vandaan. Ik ga hem een kopje thee inschenken.

Vandaag heb ik alle restjes verf uit de gedeukte en niet sluitende verfblikken gehaald. De werkmannen hadden ze zo achtergelaten en de verf was aan het uitdrogen. Dat kan ik niet hebben. Restjes verf van de goede kleur zijn handig als je iets moet bijwerken. We hebben nieuwe blikken gehaald. Verf gaat hier in lege melkpoederblikken met een plastic deksel. Daar moet je dan tape omheen doen om te voorkomen dat het toch nog uitdroogt. Ik was in de weer, lekker aan het rommelen, iedere verfpot was een verrassing en toen ik ze toch open had kon ik gelijk wat bijwerken in huis. Want een nieuw huis heeft toch al weer beschadigingen. Helemaal gelukkig. Met niks. Met een kwastje, roerhoutje en lege en volle blikken. Orde scheppen. Het gaat nergens over maar het was heerlijk.

Ik wens jullie een kleurrijk 2019
En de kaart is af!